Duck de ruis

Vandaag zat ik in de radiostudio van NH. Ik mocht iets vertellen over de tocht: maandag fietsen naar Vannes, aandacht voor plotsdoofheid. Omdat dat nodig is.
"Je boek heet Duck It," zei de presentator. "Waarom?"
Tja. Omdat het over badeendjes gaat, zei ik. Ik zag een gniffel.
Maar terwijl ik het zei, gebeurde er iets. Zoals zo vaak wanneer je jezelf hardop hoort.
Even ter achtergrond: ik ben ooit geluidstechnicus geweest. Radiostudio's waren voor mij altijd een warm bad - de geur, de sfeer, het geluid. Ik zat daar dus meteen thuis.
En opeens kwam de gedachte: wacht eens. Duck it is ook een audioterm. Als het geluid "duckt", zakt het omgevingsgeluid even weg - zodat je de stem erbovenuit kunt horen. Elke radiomaker gebruikt het, elke dag. De muziek duckt, de stem komt door.
En dat is precies wat er met mij gebeurde, op 11 juni 2025. Het omgevingsgeluid werd letterlijk weggedrukt door mijn plotsdoofheid. De wereld zakte een register. En daardoor - dat zie ik pas nu, terugkijkend - kon ik mijn eigen, diepere stem weer horen.
Dus gaat Duck It over badeendjes? Zeker. Maar de eendjes, en alle verhalen in het boek, zijn er om je te helpen je eigen stem weer te horen. Die was er altijd al. Er stond alleen te veel ruis overheen.
En zo was de cirkel rond, twee dagen voor vertrek. Omdat ik mijn eigen stem weer hoorde. In die studio. In het boek. In het leven.
Dus: duck de ruis. En luister naar wat er dan overblijft. Je hoeft er - als het even meezit - niet eerst half doof voor te worden. Er is ook een zachtere weg. Ze drijft, en ze zegt niets.